hielke-boersma-hbuor--96x96.png

Vragen over de Ondernemingsraad (OR) verkiezingen van de gemeente

delen
delen
delen
delen
Facebook
verkiezingen OR gemeenten 2023

Om jullie te helpen deel ik graag de volgende vragen over de verkiezingen van de ondernemingsraad (OR) voor gemeenten 

 Algemene verkiezingsvragen gemeenten 

  1. Is het verplicht om mee te doen aan de landelijke verkiezingsdag?
  2. We hebben een vacature. Moeten we verkiezingen houden?
  3. Wie is verantwoordelijk voor het houden van verkiezingen?
  4. Onze zittingstermijn is tot aan de landelijke verkiezingsdatum al verstreken.
     Kunnen we toch meedoen aan de landelijke OR-verkiezingsdag voor gemeenten?
  5. Onze zittingstermijn is op de landelijke verkiezingsdatum nog niet verstreken. Kunnen we toch meedoen aan de landelijke OR-verkiezingsdag voor gemeenten?
  6. Wat als een OR-lid langdurig ziek is?
  7. Hoe verloopt de verkiezingsprocedure?
  8. Is het verplicht een verkiezingscommissie in te stellen?
  9. Wat is de beste vorm voor een verkiezingscommissie?
  10. Mag de OR zelf het reglement veranderen?
  11. Welke informatie moet de OR rondom verkiezingen verstrekken aan het personeel?
  12. Mogen flexwerkers kiezen en gekozen worden?
  13. Mag een WOR-bestuurder stemmen?
  14. Mag een vakbondslid op een lijst van ongeorganiseerden?
  1. Moet een ongeorganiseerde kandidaat nog handtekeningen verzamelen om een kandidatuur te ondersteunen?
  2. Mag een niet-vakbondslid zich kandidaat stellen op een vakbondslijst?
  3. Hoe lang kun je in de OR zitten?
  4. Hoe stel je de lijstvolgorde vast?
  5. Is een lijstverbinding mogelijk?
  6. Wat moet je doen als de vakbond nog geen lijst voor de OR heeft?
  7. Hoe maak je kandidatenlijsten bekend?
  8. Hoe ziet een oproepkaart eruit?
  9. Wat moet, wat kan en wat mag tijdens de verkiezingen?
  10. We willen digitaal stemmen. Mag dat via e-mail?
  11. Waar moeten we rekening mee houden bij digitaal stemmen?
  12. Mogen kandidaten voor de OR ook achter de tafel van het stembureau plaatsnemen?
  13. Als er voor de OR en een onderdeelcommissie gestemd wordt, moeten medewerkers van dit onderdeel dan twee keer stemmen?
  14. Wanneer is een stem ongeldig?
  15. Hoe en wanneer bereken ik de kiesdeler?
  16. Hoe verdelen we de zetels?
  17. Wat als de stemmen voor de laatste restzetel of zetels staken?
  18. Hoe verdelen we restzetels?
  19. Als er niet genoeg kandidaten zijn, blijft een aantal zetels onbezet. Wat dan?
  1. Hoe maak je de verkiezingsuitslag bekend?
  2. Een vrije lijst telt twee vacatures, maar geen kandidaten meer. De vakbondslijst heeft nog wel reserves. Kunnen we die overhevelen?
  3. Mag onze OR ook medewerkers van de griffie vertegenwoordigen?
  4. Moet de griffie een eigen OR instellen
  5. Moet de OR-formeel worden geïnstalleerd?
  6. Is het belangrijk om de installatie zelf te doen?
  7. Is het slim om rustig de zaken over te nemen of moet de nieuwe OR zich nog een keer voorstellen?
  8. Mogen kandidaten blanco stemmen?

 

 

1 Is het verplicht om mee te doen aan de landelijke verkiezingsdag? 

Nee, het is niet verplicht, maar wel erg handig. Er is vanuit de sector veel aandacht voor de landelijke verkiezingen. Het A&O fonds Gemeenten, vakbonden en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten organiseren rondom de landelijke verkiezingen veel activiteiten. Dat is makkelijk en helpt om geslaagde verkiezingen te houden.

Als jullie OR wil meedoen, moet de zittingstermijn van de OR gelijklopen met de landelijke verkiezingen. Is dat niet het geval, dan is het soms nodig om het OR-reglement aan te passen. Hierover meer bij vraag 4 en 5.

2  We hebben een vacature. Moeten we verkiezingen houden? 

Ja, maar er zijn uitzonderingen. Als er binnen een half jaar algemene verkiezingen zijn (of andere redelijke termijn), hoeft het niet. Ook als er op de lijst van het vertrekkende OR-lid (bij lijsten- en personenstelsel) nog een kandidaat beschikbaar is, zijn geen verkiezingen nodig. Dan komt die kandidaat in de OR. De opvolger dient binnen een maand aangewezen te zijn.

In andere gevallen zijn wel verkiezingen nodig, omdat een OR in principe altijd voltallig moet zijn. De tussentijdse verkiezing hoeft alleen georganiseerd te worden voor de vrijgekomen plaats. De procedure is verder hetzelfde als bij algemene verkiezingen. De OR stelt in overleg met de bestuurder een verkiezingsdatum vast.

3 Wie is verantwoordelijk voor het houden van verkiezingen? 

De bestaande OR moet voor een opvolger zorgen. De OR is dus verantwoordelijk voor het houden van verkiezingen. Ook als de leden niet meer als OR willen optreden. De vraag is dan natuurlijk wel waarom de OR voortijdig stopt. Voor een nieuwe OR moet er een vruchtbare voedingsbodem zijn; daar zijn OR en bestuurder samen verantwoordelijk voor. Alleen als er nog geen OR is, moet de WOR-bestuurder de eerste keer verkiezingen organiseren.

4 Onze zittingstermijn is verstreken. Kunnen we toch meedoen aan de landelijke OR-verkiezingsdag voor gemeenten? 

Ja, daar zijn oplossingen voor. De OR moet dan bij de bestuurder, vakbonden en achterban een verlengd mandaat vragen tot aan de landelijke verkiezingsdatum. Belangrijk is dat alle betrokkenen hun akkoord schriftelijk vastleggen. Het aanvragen van een verlengd mandaat kan met een brief. Vermeld daarin dat het verlengd mandaat enkel bedoeld is om aan te sluiten bij de landelijke verkiezingen.

Als een van de belanghebbenden bezwaar heeft tegen een verlengd mandaat, moeten er op het einde van de zittingsperiode verkiezingen gehouden worden. De gekozen leden kunnen dan besluiten om hun zetels op te geven om alsnog mee te kunnen doen aan de landelijke verkiezingen. Ze kunnen zichzelf gewoon weer verkiesbaar stellen.

5 Onze zittingstermijn is nog niet verstreken. Kunnen we toch meedoen aan de landelijke OR-verkiezingsdag voor gemeenten? 

Een OR kan vervroegd aftreden op de landelijke verkiezingsdag. Dat maakt meestal de weg vrij om mee te doen met de landelijke OR-verkiezingen. Het is wel belangrijk om vooraf na te gaan of er reservekandidaten zijn die recht hebben op vrijkomende zetels. Vraag hen formeel of zij de zetel willen innemen. Alleen als zij weigeren, kan de OR meedoen aan de landelijke verkiezingen.

Het is handig om in het OR-reglement de zittingstermijn op drie jaar vast te stellen. Dan kan de OR zonder problemen aan de volgende landelijke OR-verkiezingsdag deelnemen. Het veranderen van de zittingstermijn in het OR-reglement moet gebeuren voor de kandidaatstelling. Het initiatief voor dit alles ligt bij de OR.
 Zet de juiste stappen in overleg met bestuurder en achterban.

6 Wat als een OR-lid langdurig ziek is? 

In de WOR staat niets over vervanging bij langdurige afwezigheid van een OR-lid. Je kunt het op verschillende manieren oplossen. Het OR-lid kan zich terugtrekken. Er ontstaat dan een tussentijdse vacature die ingevuld kan worden volgens art. 15 van het voorbeeldreglement. Als er een tijdelijke plaatsvervanger is gekozen, kan deze voor de duur van de periode van afwezigheid de zetel innemen. Anders kan de OR een tijdelijke voorbereidingscommissie instellen om de werkdruk bij de andere OR-leden te verminderen. Dit moet je regelen in overleg met de bestuurder.

7 Hoe verloopt de verkiezingsprocedure? 

In de praktijk is doorgaans een minimale verkiezingsprocedure van dertien weken voldoende. De sector gemeenten hanteert een voorbeeldprocedure van vijftien weken.
 Het is een strak stappenplan met termijnen die goed bewaakt moeten worden om de rechtsgeldigheid van de gekozen OR te waarborgen. Volg de verkiezingsprocedure zorgvuldig, want er zijn verschillende bezwaarmogelijkheden als de procedure niet verloopt volgens het reglement. Er moet ook steeds op de bezwaarmogelijkheden worden gewezen.

8 Is het verplicht een verkiezingscommissie in te stellen? 

Nee, dat is niet verplicht. Een verkiezingscommissie heeft als voordeel dat enkele mensen (waarvan in ieder geval een OR-lid) de verkiezingen organiseren. De OR blijft wel eindverantwoordelijk. De verkiezingscommissie kan bestaan uit OR-leden en collega’s uit de organisatie. Misschien wil een collega van de afdeling P&O best een handje helpen. Contact met de afdeling P&O is handig bij het opstellen van de lijsten voor actief en passief kiesgerechtigden. Of misschien heeft iemand binnen de organisatie al ervaring met het organiseren van verkiezingen (gemeenteraad), stappenplannen en termijnbewaking. Ze hoeven zich niet zelf verkiesbaar te stellen.

9 Wat is de beste vorm voor een verkiezingscommissie? 

Het makkelijkst is om van de verkiezingscommissie een vaste commissie (art.15 WOR) van drie tot vijf personen te maken. Een vaste commissie heeft als voordeel dat de leden bekend zijn en snel actief kan zijn bij tussentijdse verkiezingen. Ook niet-OR-leden mogen deelnemen aan een vaste commissie. Voor de commissie is een apart instellingsbesluit nodig. Een voorbeeld van een instellingsbesluit vind je hier

10 Mag de OR zelf het reglement veranderen? 

Ja, dat mag. Een akkoord van de bestuurder is niet nodig. De bestuurder moet wel de kans krijgen om te kunnen zeggen wat hij ervan vindt. Het is verstandig om een wijziging vooraf met de bestuurder te bespreken. Kijk bij een voorstel voor een reglementswijziging ook wat jullie eigen OR-reglement daarover zegt. De OR stuurt het nieuwe reglement naar de bestuurder en de bedrijfscommissie Overheid. Sommige veranderingen kunnen meteen ingaan. Andere pas bij de start van een nieuwe zittingsperiode, bijvoorbeeld een kleinere OR na verkiezingen.

11 Welke informatie moet de OR rondom verkiezingen verstrekken aan het personeel? 

De OR moet het personeel bij het aankondigen van verkiezingen goed informeren. De OR informeert de achterban in elk geval altijd over: de verkiezingsdatum en de start van de verkiezingsperiode, de wijze van kandidaatstelling, de benaderde vakorganisaties, het stappenplan tot aan de verkiezingen en de mogelijkheden voor lijstverbindingen.

12 Mogen flexwerkers kiezen en gekozen worden? 

Bij OR-verkiezingen mogen alleen personen in de organisatie (gemeente) stemmen die een ambtelijke aanstelling of arbeidsovereenkomst hebben en voldoen aan een diensttijdcriterium. Hoe lang iemand in dienst moet zijn om te mogen kiezen (actief kiesrecht) of zich verkiesbaar te stellen (passief kiesrecht), staat in jullie OR-reglement. De WOR (art. 6) noemt termijnen, maar daar mag je van afwijken.

Heel korte termijnen kunnen lastig zijn om een kiesregister vast te stellen. Bedenk: ook medewerkers die elders werken (gedetacheerd) kunnen actief en passief kiesrecht hebben. Uitzendkrachten en gedetacheerden van buiten de organisatie moeten eerst 18 maanden binnen de organisatie werken. Pas dan gaat voor hen het diensttijdcriterium voor actief en passief kiesrecht tellen. De OR kan dit in het OR-reglement verkorten, maar in dat geval moet de bestuurder hiermee akkoord gaan.

13 Mag een WOR-bestuurder stemmen? 

Nee, de WOR-bestuurder heeft als hoogste leidinggevende met rechtstreekse zeggenschap over arbeid (gemeentesecretaris of directeur van een verzelfstandigde dienst met een eigen OR) geen stemrecht (WOR art. 1, lid 4). Bij verkiezingen voor een onderdeelcommissie is dat anders. Dan heeft de hoogste leidinggevende van een onderdeel formeel wel stemrecht.

14 Mag een vakbondslid op een lijst van ongeorganiseerden? 

Ja, dat mag. Dan doet de medewerker gewoon mee als een ongeorganiseerde kandidaat. Een vakbondslid mag geen vrije lijst indienen als zijn vakbond een lijst heeft ingediend (artikel 9 lid 2 sub B WOR).

15 Moet een ongeorganiseerde kandidaat nog handtekeningen verzamelen om een kandidatuur te ondersteunen? 

Nee, volgens de vernieuwde WOR (25 juni 2013 aangenomen in de Eerste Kamer) hoeven kandidaten die geen lid zijn van een vakbond geen handtekeningen meer te verzamelen om hun kandidatuur te ondersteunen.
 Zij hoeven dus niet meer aan te tonen dat een deel van de achterban hen steunt (draagvlaktoets). Vakbondsleden moeten nog wel door hun vakbond worden voorgedragen. Daarmee geldt voor hen de draagvlaktoets nog wel. Er is weerstand tegen dit verschil. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Sociaal Economische Raad advies gevraagd hoe om te gaan met dit verschil. De SER-Commissie Bevordering Medezeggenschap (CBM) antwoordt in een brief van 30 oktober 2013 dat formele voordracht eisen aan ongeorganiseerden kandidaten wettelijk niet meer zijn toegestaan, ook niet in een OR-reglement. De CBM vindt draagvlak voor OR-kandidaten wel wenselijk en adviseert de minister dit punt daarom toch nog eens te bekijken bij een nieuwe herziening van de WOR.

16 Mag een niet-vakbondslid zich kandidaat stellen op een vakbondslijst? 

Ja, een ongeorganiseerde mag zich via een vakbondslijst kandidaat stellen, maar dan moeten de leden van een bond daarmee in stemmen. In de praktijk komt het bijna niet voor.

17 Hoe lang kun je in de OR zitten? 

Heel lang, als medewerkers je tenminste kiezen. De wet stelt geen maximum aan de tijd dat iemand in de OR actief is. De OR kan wel zelf besluiten om in het OR-reglement een maximaal aantal zittingstermijnen op te nemen.
 Dat kan de weg vrijmaken voor jongeren. Risico is dat er misschien te weinig OR-kandidaten zijn. Afspraken over een (maximaal) aantal zittingstermijnen maken deel uit van voorbeeldconvenant Medezeggenschap (17 maart 2008).

18 Hoe stel je de lijstvolgorde vast? 

Dat verschilt per kiesstelsel; lijstenstelsel of personenstelsel. Bij vrije lijsten kan de lijstvolgorde op meerdere manieren worden vastgesteld. Bijvoorbeeld op datum van aanmelding van kandidaat of het ophalen van ondersteunende handtekeningen. Bij een personenstelsel wordt de lijst in de meeste gevallen bepaald door de datum en tijd van aanmelding als kandidaat. Ook komt het voor dat de lijst op alfabet wordt vastgesteld of dat er wordt geloot. Dit moet in het reglement zijn vastgelegd.

19 Is een lijstverbinding mogelijk? 

Ja. Dat kan. Het voordeel is dat lijsten die een verbinding hebben zo een extra zetel kunnen krijgen als er restzetels zijn. (Zie ook vraag 28). Je mag dit doen, maar dan moet het bij de start van de verkiezingen wel bekend zijn gemaakt in de hele organisatie. Ook kun je de mogelijkheid van een lijstverbinding het beste opnemen in het OR-reglement.

20 Wat moet je doen als de vakbond nog geen lijst voor de OR heeft ingediend? 

Informeer de vakbonden in een brief uiterlijk dertien weken voor de verkiezingsdatum over de komende OR- verkiezingen in jullie organisatie en nodig hen uit kandidatenlijsten aan te leveren. Vermeld in de brief duidelijk datum en tijdstip van de deadline voor het indienen van de kandidatenlijsten. Zet ook in de brief dat na de deadline geen kandidatenlijsten meer toegelaten worden. Zeven weken voor de verkiezingsdatum moeten de kandidatenlijsten van de vakbonden binnen zijn; Heb je de vakbonden tijdig aangeschreven, datum en tijd van de deadline genoemd en is de termijn verstreken? Dan kun je als OR ervan uitgaan dat ze geen lijst willen indienen.

21 Hoe maak je kandidatenlijsten bekend? 

Laat je creativiteit de vrije loop. Je kunt de lijsten mailen, ophangen, via een filmpje bekendmaken of laten omroepen.

22 Hoe ziet een oproepkaart eruit? 

De kaart moet gewaarmerkt zijn en er staat op waar en wanneer er gestemd wordt en wie stemmen mag. Gewaarmerkt betekent dat de oproepkaart bijvoorbeeld op gekleurd papier is gedrukt en met een logo/ afbeelding/stempel van de ondernemingsraad.

23 Wat moet, wat kan en wat mag tijdens de verkiezingen? 

Er is veel mogelijk. Kijk naar wat past bij jullie organisatie. Zo is digitaal stemmen toegestaan als het in je OR-reglement staat. Via een machtiging stemmen kan ook. Net als per post stemmen, bijvoorbeeld door zieke collega’s. Wat moet in ieder geval wel? De stemming moet geheim zijn. Of het nu per post, schriftelijk in het gemeentehuis of digitaal is. En waar moet je dan aan denken? Maak het mogelijk via machtiging te stemmen door op het stembiljet een machtigingsmogelijkheid op te nemen. Net als bij gemeenteraadsverkiezingen. Zorg ervoor dat collega’s die per post willen stemmen ongeveer twee weken van tevoren een gewaarmerkt stembiljet thuis hebben met een voldoende gefrankeerde retourenveloppe. Schrijf ook even een briefje met uitleg en wanneer ze uiterlijk het stembiljet terug dienen te sturen. Het stembiljet moet dan ongeopend op de verkiezingsdag aan de stemcommissie worden gegeven. Deze procedure dient wel in het OR-reglement worden beschreven.

24 We willen digitaal stemmen. Mag dat via e-mail? 

Het voordeel van digitaal stemmen, is dat de kiesgerechtigde overal vandaan kan stemmen, bijvoorbeeld vanuit huis. Wanneer de ondernemingsraad ervoor kiest om digitaal te stemmen, is het belangrijk om een bestaand en betrouwbaar digitaal systeem te gebruiken. Wanneer de OR zelf een systeem “knutselt” is het risico groot dat dit systeem niet voldoet aan de criteria vanuit de WOR (art. 9, lid 1). De stem moet anoniem uitgebracht kunnen worden, niemand anders dan kiesgerechtigden moet kunnen stemmen en het systeem moet uitsluiten dat meermalen een stem wordt uitgebracht. Er bestaat nog geen keurmerk voor digitale systemen. Op internet zijn diverse aanbieders te vinden die zich gespecialiseerd hebben in dergelijke systemen en waar je als OR tegen betaling gebruik van kunt maken.

25 Waar moeten we rekening mee houden bij digitaal stemmen? 

Bij digitaal stemmen moet het OR-reglement aangepast worden. Een voorbeeld hiervan kun je vinden in het SER-voorbeeldreglement. In hoofdstuk 2.4 wijze van stemmen, artikel 10, aantekening 4 vind je aanvullende informatie over elektronisch stemmen en een voorbeeldtekst voor het reglement.

26 Mogen kandidaten voor de OR ook achter de tafel van het stembureau plaatsnemen? 

Om alle schijn van beïnvloeding tegen te gaan, is het beter dit niet te doen.

27 Als er voor de OR en een onderdeelcommissie gestemd wordt, moeten medewerkers van dit onderdeel dan twee keer stemmen? 

Ja. Ze stemmen dan een keer voor de OR en een keer voor de onderdeelcommissie. Ze moeten dan natuurlijk wel kiesgerechtigd zijn voor het stemmen op een kandidaat voor de OR en/of de onderdeelcommissie. Deze verkiezingen mogen tegelijkertijd en afzonderlijk gehouden worden.

28 Wanneer is een stem ongeldig? 

Een stem is ongeldig als: het stembiljet niet door of namens de ondernemingsraad gewaarmerkt is (zie ook vraag 23); als niet duidelijk is waar de stemgerechtigde op gestemd heeft of als in een lijstenstelsel meerdere kandidaten een stem hebben gekregen (in het lijstenstelsel kan maar op een kandidaat worden gestemd. In het personenstelsel op meerdere, afhankelijk van het aantal plaatsen in de OR); als er andere aantekeningen op het stembiljet staan dan de aanwijzing van de verkozen kandidaat. Een stemgerechtigde mag ook een blanco stem uitbrengen. Dit is een geldige stem.

29 Hoe en wanneer bereken ik de kiesdeler? 

Dat is nodig bij een lijstenstelsel. Anders kun je niet berekenen hoeveel zetels een lijst krijgt. Het rekensommetje is simpel. Je kijkt eerst hoeveel geldige stemmen er uitgebracht zijn. Bijvoorbeeld 150. Dan kijk je hoeveel plaatsen er in de OR beschikbaar zijn. Bijvoorbeeld 5. Je deelt vervolgens het aantal geldige stemmen door het aantal beschikbare plaatsen. 150:5= 30. De kiesdeler is dan 30. Stel dat een lijst 60 geldige stemmen krijgt. Dan krijgt deze lijst twee OR-zetels (aantal stemmen op de lijst gedeeld door de kiesdeler). De zetels worden dan vergeven volgens de lijstvolgorde.

30 Hoe verdelen we de zetels? 

Bij het lijstenstelsel is de lijstvolgorde leidend. Dus al krijgt een lager op de lijst geplaatste meer stemmen dan alle anderen, dat zorgt niet voor een andere zeteltoebedeling. Behalve als deze kandidaat zelf de kiesdeler heeft gehaald. Dan krijgt hij automatisch een zetel. Bij het personenstelsel telt wel het aantal op de kandidaat uitgebrachte stemmen. De volgorde van de lijst is dan niet van belang. Dat geldt voor de vakbond- en de vrije kandidaat.

31 Wat als de stemmen voor de laatste restzetel of zetels staken? 

Dan beslist het lot. Bijvoorbeeld door trekking van een briefje met de naam van de lijst of kandidaat erop. Maak deze procedure van tevoren even bekend. Je kunt het ook in het OR-reglement opnemen. Dat ontslaat je overigens niet van de verplichting deze procedure toch bekend te maken.

32 Hoe verdelen we restzetels? 

Door na verdeling van de stemmen volgens de kiesdeler de lijsten met het hoogste stemoverschot de zetels te geven. Dit komt slechts voor bij het lijstenstelsel en als er een lijstverbinding is aangegaan.

33 Als er niet genoeg kandidaten zijn, blijft een aantal zetels onbezet. Wat dan? 

Dan gaat de OR toch van start. Al is er maar een OR-lid. Omdat er dan direct al vacatures zijn, moeten er nieuwe tussentijdse verkiezingen worden gehouden. Zie ook vraag 2.

34 Hoe maak je de verkiezingsuitslag bekend? 

Hoe dat mag je zelf bepalen. Via e-mail, intranet, borden, personeelsblad etc. De procedure ligt wel vast. De verkiezingscommissie telt het aantal stemmen. Na de telling legt de kiescommissie schriftelijk vast hoeveel kiesgerechtigden er waren, hoeveel stemmen er zijn uitgebracht, onderverdeeld naar eigen uitgebrachte stemmen, bij volmacht uitgebrachte stemmen, blanco stemmen, geldige en ongeldige stemmen. Ook de kiesdeler wordt schriftelijk vermeld. Verder vermeldt de verkiezingscommissie welke kandidaten van de kandidatenlijsten op basis van de uitgebrachte stemmen in de nieuwe OR zijn gekozen. Deze gegevens en de stembiljetten bewaar je ten minste drie maanden. Na publicatie van de uitslag, is bezwaar mogelijk. Als de bezwaarprocedure eindigt, is de uitslag definitief, al blijft bezwaar bij de Bedrijfscommissie voor de Overheid nog wel mogelijk.

35 Een vrije lijst telt twee vacatures, maar geen kandidaten meer.
 De vakbondslijst heeft nog wel reserves. Kunnen we die overhevelen? 

Nee, dat mag niet. Een vrije lijst en de vakbondslijst zijn verschillend. Er moeten in dit geval tussentijdse verkiezingen worden uitgeschreven waaraan alle partijen weer mee kunnen doen. Als het nog maar een half jaar duurt voor de termijn van de OR erop zit, hoeft dit niet. Dan kan de raad met twee vacatures verder. Bij het personenstelsel doet zich dit probleem niet voor. Daar vervult de volgende kandidaat met de meeste stemmen de vacature.

36 Mag onze OR ook medewerkers van de griffie vertegenwoordigen? 

Nee, niet zonder meer. De gemeentelijke OR kan niet zomaar fungeren als vertegenwoordiger voor de griffie. Sinds de Wet dualisering gemeentebestuur (7 maart 2002) is de gemeenteraad formeel werkgever (ondernemer) van medewerkers van de griffie. Het college is formeel de werkgever (ondernemer) voor het overige gemeentelijk personeel. De ‘WOR-bestuurder’ vertegenwoordigt de ondernemer in het overleg met het medezeggenschapsorgaan. De griffier is WOR-bestuurder voor de griffieorganisatie, net zoals de gemeentesecretaris dat is voor het overige personeel.

37 Moet de griffie een eigen OR instellen? 

Dat mag, maar de griffie is vaak te klein voor een eigen orgaan met alle wettelijke bevoegdheden, rechten en plichten. Bovendien heeft de griffie ook medezeggenschap over concernaangelegenheden, dus voor onderneming brede onderwerpen is toch nog een gezamenlijk orgaan nodig (COR). Er zijn verschillende andere opties. De ‘gemeente’ moet, als (publieke) rechtspersoon met meer dan vijftig werknemers, verplicht een OR instellen. Artikel 3 van de WOR maakt het mogelijk om een gemeenschappelijke OR te vormen. Daardoor kan een kleine niet OR-plichtige onderneming (griffie) samengevoegd worden met een OR-plichtige onderneming of daarvan een onderdeel- commissie vormen. De twee bestuursorganen moeten ieder besluiten tot een gemeenschappelijke OR en
 het OR-reglement moet aangepast worden zodat griffiepersoneel actief en passief kiesrecht heeft. Via een kiesgroep of door een kiesgroep te koppelen aan een zogenaamde kwaliteitszetel is het mogelijk dat er in ieder geval een medewerker van de griffie in de OR zit. Omdat er weinig bindende regels voor zijn, zal steeds naar maatwerkoplossingen gezocht moeten worden.

38 Moet de OR formeel worden geïnstalleerd? 

Nee, het moet niet, maar mag wel. De nieuwe OR is automatisch in functie als het mandaat van de oude is verstreken. Maar het kan geen kwaad om met een feestelijke bijeenkomst toch even stil te staan bij ‘de overdracht’. Dat is ook een mooi moment om de nieuwe OR-leden te presenteren, de band met de achterban te verstevigen en het belang van medezeggenschap nog eens te benadrukken.

Het is ook wel chique om in een eerste vergadering na de verkiezingsuitslag afscheid te nemen van de OR in oude samenstelling. Het oude dagelijkse bestuur van de OR installeert de nieuwe. Daarna bespreek je de overdracht van de lopende zaken. Vervolgens verlaten de oude leden van de OR de vergadering en maakt de nieuwe OR afspraken. In de praktijk zullen veel OR-leden blijven zitten, waardoor het werk direct weer kan worden opgepakt.

39 Is het belangrijk om de installatie zelf te doen? 

Ja. De bestuurder kan natuurlijk wel worden uitgenodigd om de nieuwe OR-welkom te heten en zijn zegje te doen, maar de medezeggenschap regelt zelf de opvolging. Het zou immers ook vreemd zijn als de premier van dit land, nieuwe Kamerleden installeert. Dat is voorbehouden aan het democratische orgaan zelf. Als de bestuurder installeert, zou de indruk kunnen ontstaan dat deze ook ‘de baas’ is over de OR.

40 Is het slim om rustig de zaken over te nemen of moet de nieuwe OR zich nog een keer voorstellen? 

De nieuwe definitieve samenstelling van de OR moet binnen de organisatie bekend worden gemaakt, zodat medewerkers weten wie in de OR zit en waar deze personen te bereiken zijn. Als je de tijd hebt en de moeite wil nemen, is het aan te bevelen ‘de organisatie in te gaan’. Profileer je als OR. Wat kunnen collega’s van je verwachten en misschien wel net zo belangrijk; wat kunnen ze niet van je verwachten. Blijf ook duidelijk zichtbaar en informeer geregeld naar het wel en wee in de organisatie. En hoe ziet de medezeggenschapsstructuur eruit?

41 Mogen kandidaten blanco stemmen? 

Ja dat mag, een blanco stem is een geldige stem.

 

 

Wetswijzigingen Wet op de ondernemingsraden 

De Wet op de ondernemingsraden is een wet die in 1971 tot stand is gekomen. Sinds de vorige landelijke verkiezingsdag is de wet op een aantal plaatsen gewijzigd. Deze wijzigingen hebben mogelijk gevolgen voor de toepassing van het actief en passief kiesrecht, het OR-reglement en de commissies.

Hieronder vindt u de wijzigingen per wetsartikel:

Art.1 lid 3 sub a WOR 

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt onder in de onderneming werkzame personen mede verstaan:
 “Degenen die in het kader van werkzaamheden van de onderneming daarin ten minste 15 maanden werkzaam zijn krachtens een uitzendovereenkomst als bedoeld in art. 7:690 BW”.

  • Na 15 maanden wordt een uitzendkracht een “in de onderneming werkzame persoon”. Art. 6 lid 2 WOR (kiesgerechtigd) en art. 6 lid 3 WOR (verkiesbaar tot lid) stelt de termijn van 3 maanden voor in de onderneming werkzame personen. Na 18 maanden (15+3) mogen uitzendkrachten zich dus beschikbaar stellen voor de OR-verkiezingen en hebben zij stemrecht.
  • Let op! De wet biedt niet de mogelijkheid om hier in het reglement ten negatieve van af te wijken (> 18 maanden is niet mogelijk.

Art.6 lid 2 WOR 

“Kiesgerechtigd zijn de personen die gedurende ten minste 3 maanden in de onderneming werkzaam zijn geweest”.

  • Ter bevordering van de medezeggenschap is deze wijziging ingetreden, de voornaamste reden van de wijziging is; het snel betrekken van nieuwe medewerkers in de medezeggenschap.
  • Let op! De wet biedt wel een mogelijkheid om hier in het reglement van af te wijken.

Art.6 lid 3 WOR 

  • “Verkiesbaar tot lid van de ondernemingsraad zijn de personen die gedurende ten minste
  • 3 maanden in de onderneming werkzaam zijn geweest”.
  • Ter bevordering van de medezeggenschap is deze wijziging ingetreden, de voornaamste reden van de wijziging is; het snel betrekken van nieuwe medewerkers in de medezeggenschap.
     Het voordeel daarvan is, dat nieuwe medewerkers met een frisse blik een andere dynamiek in de OR kunnen aanbrengen, ook is het ter bevordering om jongere werknemers bij de medezeggenschap te betrekken.
  • Een mogelijk nadeel is dat de medewerker nog geen vaste arbeidsovereenkomst heeft en de kans bestaat dat deze ook niet tot stand komt. In dat geval ontstaat er een tussentijdse vacature.
  • Let op! De wet biedt wel een mogelijkheid om hier in het reglement van af te wijken. 

Art. 15 WOR 

Tot 1 januari 2022 moest de meerderheid van de commissieleden uit OR-leden bestaan.
 Per 1 januari 2022 is dit gewijzigd, voor de uitvoering van commissiewerk is het niet noodzakelijk om een meerderheid van OR-leden in de commissie te hebben. Dit heeft als gunstige bijkomstigheid dat het werk verdeeld kan worden over meerdere personen (werkdruk niet alleen bij OR-leden) en medewerkers buiten de ondernemingsraad worden betrokken in de medezeggenschap. Zo kan een natuurlijke interesse voor een toekomstig OR-lidmaatschap gewekt worden.

Welke acties moet de OR nemen? 

  • Bespreek de wijzigingen van de wet met de ondernemingsraad.
  • Bespreek of de termijnen van actief en passief kiesrecht aangepast moeten worden.
  • Neem een besluit of het reglement aangepast moet worden.
  • Bespreek het voorstel tot wijziging van het reglement met de bestuurder, dit om de bestuurder de gelegenheid te geven zijn standpunt kenbaar te maken. Let wel, de OR is uiteindelijk eigenaar en eindverantwoordelijke van zijn eigen reglement.
  • Maak een plan hoe je de achterban gaat betrekken in commissiewerk. 

Heb je vragen over hoe je in de praktijk om moet gaan met de antwoorden op de vragen neem dan even contact op en dan maken we een plan.

We willen altijd meehelpen en meedenken ook al ben je geen klant van HBU. Dus aarzel niet en leg het voor aan onze specialisten.

 

 

 

 

 

 

 

Overgenomen van

A&O fonds Gemeenten

OR-vragenboek en de medezeggenschap
 aeno.nl/medezeggenschap

Fluwelen Burgwal 58 Postbus 11560
 2502 AN Den Haag

 

Reacties worden op prijs gesteld!

0 0 stemmen
Artikel waardering
Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
0
Zou graag je gedachten willen weten, laat een reactie achter.x