arrow_drop_up arrow_drop_down
15 september 2020 

Hoe krijg je als OR instemming op bedrijfskleding?

Hoe krijg je als OR instemming op bedrijfskleding?

Hoe krijg je als OR instemming op bedrijfskleding?

De Casus uit de praktijk

De buitendienst heeft in de achterliggende zomerperiode te horen gekregen dat er een nieuwe kledinglijn wordt aangeschaft, waarbij de preventiemedewerker een trekkende rol had. Hij heeft de medewerkers geïnformeerd en ook is er een passessie georganiseerd voor een aantal collega’s.

Nu deze week de uitlevering van deze kleding gepland staat, vraagt de OR zich af: Had de OR instemming op bedrijfskleding

Het gaat om kleding met een hogere veiligheidsklasse. Eén van de mannen van de buitendienst zit in de OR, waardoor de vraag (mede) op tafel kwam.  Ook korte broeken mogen niet meer gedragen worden in verband met de veiligheid.

De vraag van de OR is: Heeft de OR instemmingsrecht op bedrijfskleding?

Ik vind hier in de jurisprudentie geen eensluidend antwoord op. 

 

De buitendienst heeft dit onlangs genoteerd:

Nieuwe bedrijfskleding (reflectie) & geen korte broeken meer 

Binnen het team onderhoudsbedrijf hebben we een nieuwe lijn bedrijfskleding geïntroduceerd. De broek, t-shirts, sweaters en de jassen: het complete kledingpakket is voorzien van fluoriserende kleuren en reflectie. Dit is gedaan om de veiligheid van de medewerkers te waarborgen. Indien medewerkers namelijk bukkend werk moeten doen of een machine op de rug moeten dragen dan was in de oude situatie de reflectiekleding niet meer zichtbaar. Met de nieuwe kleding is dit gelukkig niet meer het geval. Een ander groot voordeel: medewerkers hoeven ook niet meer na te denken over het aantrekken van een veiligheidshesje. Medewerkers die veelal binnen een afgesloten gebied werken (bijv. de begraafplaats) hebben nog wel de mogelijkheid om de oude werkkleding te dragen/bestellen. Voor medewerkers die veelal langs de openbare weg werken is de oude kledinglijn inmiddels al niet meer te bestellen en per 1 oktober 2020 is iedereen verplicht om de nieuwe lijn te gaan dragen. Daarnaast mogen medewerkers vanaf april dit jaar geen korte broek meer dragen tijdens het werk. Een stuk veiliger en minder kans op de ziekte van Lyme.

De vraag van de OR aan HBU is: had de OR instemmingsrecht op bedrijfskleding en had zij instemming moeten geven ?

 

Antwoorden, want er zijn diverse vragen in deze vraag ondergebracht. Hieronder zet ik die op een rijtje.

1 Nieuwe kledinglijn en de OR

Introductie van bedrijfskleding (veiligheidskleding of kleding met een bedrijfsnaam erop) is instemmingsplichtig.

In deze situatie was altijd al sprake van een regeling op gebied van bedrijfskleding (namelijk, de buitendienst draagt veiligheidskleding) en door de nieuwe lijn met een verhoogde veiligheidsnorm verandert dit feitelijk niet.

Dus was er sprake van instemming op de nieuwe lijn, uit jurisprudentie etc. volgt dat dat niet het geval is bij een bestaande lijn.

https://www.sbiformaat.nl/jurisprudentie/uitspraak-verplichte-veiligheidskleding/

 

2 Korte broek

Dat medewerkers geen korte broek meer mogen dragen ligt in dezelfde lijn als hierboven maar in dit geval lijkt het mij onduidelijk waarom dat niet meer mag. Het is een verzamel/gaarbak argument en het lijkt me dat jullie dat nu recent pas te horen hebben gekregen.

Ik zou dit besluit wel aanvechten als een wijziging van het kledingreglement die wel instemmingsplichtig is omdat het wat mij betreft niet specifiek genoeg is en blijkbaar op alle medewerkers van toepassing. Er was schijnbaar een regeling dat een korte broek dragen toegestaan is en dit onderdeel is gewijzigd dus instemming voor deze wijziging is benodigd.

 

Een regeling waarin het pakket, de samenstelling gemeld wordt waardoor een wijziging in dit pakket instemmingsplichtig wordt http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/XHTMLoutput/Actueel/Vlaardingen/CVDR190364.html

3 Wat is er in het verleden afgesproken over bedrijfskleding

Als hier een duidelijke afspraak is dat elke wijziging van de bedrijfskleding (type, soort, veiligheidsklasse, samenstelling) instemming van de OR vereist is het makkelijk om de wijzigingen daar ook onder te laten vallen. Er was bijvoorbeeld schijnbaar een regeling dat een korte broek dragen toegestaan is en dit onderdeel is gewijzigd.

https://kvdl.com/artikelen/bovenwettelijk-instemmingsrecht-door-onvoorwaardelijke-instemmingsaanvraag

Acties van de OR om instemming op bedrijfskleding te verkrijgen!

Wanneer is actie van de OR nog van toepassing? In geval een instemmingsplichtig besluit genomen uitgevoerd is zonder instemming van de OR dient de OR, binnen 30 dagen nadat zij ervan kennisgenomen heeft, dit besluit schriftelijk nietig te verklaren.

Als het verslag zo lees, ben ik van mening dat de OR van het kledingpakket al veel eerder wist en dat zij had moeten handelen ten opzichte van het besluit over het kledingpakket.

Nu dit meer dan 30 dagen geleden is, lijkt de OR hiermee stilzwijgend ingestemd.

Hoe hiermee om te gaan?

Klopt de aanname dat er al langer dan 30 dagen kennis van is?

Zo ja dan lijkt het mij praktisch en van belang dat de OR haar stilzwijgende instemming schriftelijk bevestigd waardoor zij minimaal haar instemmingsrecht claimt bij de bestuurder waardoor een toekomstig besluit in de wijziging van de samenstelling in ieder geval weer voorgelegd wordt aan de OR.

Ingeval van de Korte broek?

Ook hier is mogelijke stilzwijgende instemming van toepassing.
Als dit echter pas recent (tussen 30 en 60 dagen vanwege corona mag je best iets oprekken) bekend geworden is zou ik hier actie op ondernemen. Welke actie:

Instemming claimen en aangeven dat je het met dit besluit niet eens bent. Ik vermoed dat jullie het generieke besluit niet oké vinden maar dat ingeval van ‘gevaarlijk werk’ een verbod best acceptabel is. Door deze nuance direct bij jullie bericht van instemming claimen bekend te maken geef je ruimte voor de bestuurder hierop in te gaan.

 

Advies aan de OR over werken met instemming en advies

Ga structureel werken met de CRID methode.

Deze staat voor C van Confrontatie met bestuurder, een goed gesprek en stellingname helpt een open helder, gelijkwaardig gesprek te vormen.  R van Reflectie; welke mening heeft de OR over het onderwerp (dit is de grootse frustratie van de bestuurder, deze weet vaak niet wat de OR nu echt wil), I, van Interactie met de betrokken achterban, D van Dossiervorming, afspraken vastleggen en of bevestigen zoals ik hier ook adviseer over instemming verlenen achteraf ook als heb je dat vooraf niet geclaimd.

Als je deze stappen volgt hoef je geen beroep te doen op de wet of regelgeving want dan zorg je zelf voor de benodigde momenten van invloed, leer je de achterban wat de OR voor ze doet en zorgen jullie zelf voor de benodigde vastlegging en maak je je niet afhankelijk van de bestuurder of de achterban.

Conclusie

Of jullie instemming hebben of niet maakt eigenlijk helemaal niet uit als je CRID gebruikt, (je hoeft als OR zelfs niet eens aan te refereren instemming of advies).  Als jullie een mening/voorwaarde hebben ten aanzien van een onderwerp kan je op basis van de stappen van CRID vastleggen wat je wil en dan moet de bestuurder daar verantwoording over afleggen. Dat is wat je als OR wil. Eenvoudig je mening kunnen geven waar de bestuurder niet zomaar omheen kan. En dat kan je ook aan de achterban uitleggen.

 

Wil je meer weten zoek dan contact met Hielke

Kijk ook eens bij het overzicht van opleidingen voor de Ondernemingsraad

Basiscursus voor de nieuwe OR ondernemingsraad

Training voor de ervaren OR

Training voor de COR

Uitleg over de essentie van medezeggenschap

 

 

 

Over de schrijver
Hielke Boersma is oprichter, trainer en adviseur voor ondernemingsraden bij HBU Training en advies. Hij is de OR-Expert en gespecialiseerd in medezeggenschapsvraagstukken voor OR, COR en PVT
Reactie plaatsen